- Details
- Geschrieben von: Idriz Velghe
- Kategorie: AI
Zowel AMD als Nvidia hebben nieuwe overeenkomsten aangekondigd op het gebied van AI-infrastructuur. Enerzijds gaat Oracle zijn datacenters uitbreiden met meer AI-accelerators en processors van Nvidia, terwijl Meta aanklopt bij AMD voor zowel Epyc-processors, Instinct-acclerators en Helios-rackscale-systemen.
Rubin voor Oracle
Nvidia en Oracle hebben hun samenwerking bij de uitbreiding van de AI-infrastructuur verder verdiept. Centraal staat de beschikbaarheid van het nieuwe Vera-Rubin-platform binnen de Oracle Cloud Infrastructure (OCI). De Vera-Rubin-NVL72-systemen zijn daar inmiddels algemeen beschikbaar en zullen in de toekomst worden ingezet in superclusters met een elektrisch vermogen in de orde van grootte van meerdere gigawatts.
Daarnaast is Oracle van plan het HGX-Rubin-NVL8-platform te introduceren. Dit platform maakt gebruik van acht via NVLink verbonden Rubin-gpu's en combineert deze met twee Intel Xeon 6-processoren met elk 64 cores. Daarnaast beschikt het over 4 TB ddr5-werkgeheugen en een RDMA-netwerkverbinding met een bandbreedte van 6,4 Tbps. In tegenstelling tot de rack-scale-oplossing NVL72 gaat het hier om een compactere, op x86 gebaseerde serverconfiguratie, die met name geschikt zou zijn voor het trainen, finetunen en de inferentie van AI-modellen.
{nozuna nzgallery}3d22f541-58a5-11f0-8b63-000c2932240f 0{/nozuna nzgallery}Een andere vernieuwing betreft de beschikbaarheid van de Nvidia Vera-cpu's binnen de OCI. De op Arm gebaseerde processors zijn vooral bedoeld om taken uit te voeren die bij agentgebaseerde AI-toepassingen tussen de daadwerkelijke modelaanroepen door moeten worden uitgevoerd.
AMD en Meta: Helios-racks, aangepaste Instinct-GPU’s en nieuwe EPYC-processoren
Ook AMD en Meta hebben hun strategische samenwerking voor de uitbreiding van AI-infrastructuur bevestigd. De eerste racksystemen op basis van de AMD Helios-architectuur zijn inmiddels bij Meta geïnstalleerd en worden volop getest. Een grotere uitrol staat gepland voor de nabije toekomst. Het Helios-referentieplatform combineert in zijn standaardconfiguratie 72 Instinct MI455X-versnellers met Epyc-processoren van de zesde generatie (Venice) en Pensando Vulcano-netwerkadapters. De gpu's worden via UALink met elkaar verbonden. Het platform is ontworpen volgens de open Open-Rack-Wide-standaard (ORW) en biedt volgens AMD een theoretische FP4-rekenkracht van 2,9 exaFLOPS, 31 TB hbm4-geheugen en een interne gpu-verbindingsbandbreedte van 260 TB/s. Helios is een referentiearchitectuur die door verschillende systeemfabrikanten kan worden geïmplementeerd.
Daarnaast speelt de ontwikkeling van klantspecifieke AI-accelerators een belangrijke rol. Meta was al in een vroeg stadium betrokken bij het ontwerpen van de Instinct MI450-architectuur en zal een variant inzetten die speciaal is afgestemd op de eigen AI-workloads. Dergelijke systemen zullen worden ingezet in het kader van de bestaande overeenkomst voor de opbouw van maximaal 6 GW aan op AMD gebaseerde AI-infrastructuur. De samenwerking strekt zich bovendien uit tot de komende Instinct MI500-generatie en andere rack-scale-platforms. Daarbij stemmen AMD en Meta de ontwikkeling van de versnellers, processors, netwerktechnologie en software op elkaar af. Concrete technische details over de voor Meta aangepaste MI450-acclerators werden in de huidige aankondiging niet vermeld.
Ook op het gebied van serverprocessoren wordt de samenwerking voortgezet. Meta maakt naar eigen zeggen al gebruik van miljoenen Epyc-processoren van verschillende generaties en behoort tot de eerste grote klanten van de zesde Epyc-generatie met de codenaam Venice. Deze processoren zullen onder andere de cpu-gerelateerde taken binnen de AI-infrastructuur op zich nemen. Tegelijkertijd werken beide bedrijven al aan toekomstige generaties processors, waaronder de architectuur die onder de codenaam Verano wordt ontwikkeld. Epyc-processors worden bij Meta bijvoorbeeld ingezet in de speciale rekenomgevingen van de AI-agent Muse.
- Details
- Geschrieben von: Idriz Velghe
- Kategorie: AI
Het Utrechtse Wolk heeft Databaas geïntroduceerd, het eerste Nederlandse managed data- en AI-platform waarbij organisaties kunnen kiezen waar hun data wordt opgeslagen: op eigen hardware, een Nederlands datacenter of Europese cloud. Infoplaza, bekend van diensten zoals Weeronline en Buienalarm, wordt de eerste grote klant. Databaas gaat zijn diensten op grote schaal aanbieden vanaf het eerste kwartaal van 2027.
{nozuna nzimagefromgallery}59bb81fc-2a27-4482-892f-5eb677b9a66c 1{/nozuna nzimagefromgallery}Van links naar rechts: Stijn Meijers, medeoprichter, CPO bij Wolk; Jelle van Miltenburg, medeoprichter en CEO bij Wolk; Sjoerd Huininga, Head of Development bij Infoplaza B.V.; Robert van Dijk, Head of Infra & Support bij Infoplaza B.V. ~ Foto: Marieke van den Oever
Naast infrastructuur hebben organisaties nood aan data-ingenieurs, onderzoekers en AI-experts voor het binnenhalen, opschonen en analyseren van data. Daarvoor is een data- en AI-platform nodig als applicatielaag. Amerikaanse bedrijven bieden hier allerlei oplossingen voor aan, maar die zijn alleen beschikbaar op Amerikaanse clouds.
Met Databaas wil Wolk een Europees alternatief bieden. Dit is naar eigen zeggen vooral interessant voor organisaties die met kritieke of gevoelige data werken. Denk aan de zorg, de wetenschap, de overheid, de energiesector en de financiële sector. Daarin telt niet alleen de locatie van data, maar ook Europees eigendom, zeggenschap en rechtsmacht over de hele keten.
{nozuna nzimagefromgallery}59bb81fc-2a27-4482-892f-5eb677b9a66c 2{/nozuna nzimagefromgallery}Infographic: Wolk
De Utrechtse startup Wolk is in 2023 opgericht door vier ex-ingenieurs van Lightyear, de Nederlandse zonneauto-maker, met als missie om duurzame innovatie te versnellen met data en AI. Wolk telt inmiddels een team van 13 werknemers, die op maat gemaakte dataplatforms biedt op basis van opensource componenten.
- Details
- Geschrieben von: Edwin Angeli
- Kategorie: AI
Een klinische studie in het Amerikaanse Beth Israel Deaconess Medical Center toont aan dat een medische AI-chatbot artsen kan ondersteunen bij spoedconsulten in de eerstelijnszorg.
Bijna honderd patiënten bespraken voorafgaand aan hun afspraak hun klachten met Google-chatbot AMIE, waarna artsen een samenvatting van dat gesprek konden gebruiken ter voorbereiding van het consult.
De studie is donderdag gepubliceerd in The Lancet en geldt volgens de onderzoekers als de eerste prospectieve praktijkstudie van een patiëntgerichte medische chatbot in een echte zorgomgeving. De centrale vraag was niet of AI artsen kan vervangen, maar of zo’n systeem veilig genoeg is om in een bestaande zorgworkflow mee te draaien.
Chatbot verzamelt klachten vóór het consult
AMIE, voluit Articulate Medical Intelligence Explorer, is een gespecialiseerde medische chatbot van Google. Patiënten gebruikten het systeem thuis via een beveiligde tekstchat nadat ze een afspraak voor urgente eerstelijnszorg hadden gemaakt. De chatbot stelde vragen over symptomen, medische voorgeschiedenis, mogelijke oorzaken en denkbare behandelingen, en maakte daarna een samenvatting voor de behandelend arts.
Het onderzoek liep van april tot november 2025. In totaal werden 114 patiënten geconsulteerd, van wie 98 zowel de AI-interactie als het artsenbezoek voltooiden. Tijdens alle gesprekken keek een arts in realtime mee om te kunnen ingrijpen als het gesprek onveilig of emotioneel belastend dreigde te worden. Dat bleek uiteindelijk geen enkele keer nodig.
Artsen vonden samenvatting in driekwart van de gevallen nuttig
Volgens Google en Beth Israel vonden artsen de output van AMIE in ongeveer 75 procent van de gevallen behulpzaam bij de voorbereiding van het consult. In meer dan de helft van de gevallen zou de chatbot ook invloed hebben gehad op de manier waarop de arts het verdere gesprek of de beoordeling aanpakte.
Ook inhoudelijk presteerde de chatbot redelijk sterk. In de preprint van de studie, die inhoudelijk overeenkomt met het nu gepubliceerde werk, stond de uiteindelijke diagnose in 90 procent van de gevallen in de differentiaaldiagnose van AMIE. In 75 procent van de gevallen stond die diagnose zelfs in de top drie. De kwaliteit van de diagnostische en behandelvoorstellen bleek volgens geblindeerde beoordeling in grote lijnen vergelijkbaar met die van artsen, al scoorden artsen beter op praktische uitvoerbaarheid en kosteneffectiviteit.
{nozuna nzimagefromgallery}eb851fe6-7eaf-482f-bba6-35d9973e7b6a 1{/nozuna nzimagefromgallery}Eén hallucinerende fout en vijf keer extra uitleg
De studie keek nadrukkelijk ook naar risico’s. Tijdens de 98 voltooide patiëntgesprekken werd één hallucinerende fout vastgesteld. Daarnaast gaven toezichthoudende artsen in vijf gevallen extra context of verduidelijking. Dat gebeurde bijvoorbeeld wanneer de chatbot een ernstige aandoening als kanker noemde als een van meerdere mogelijke verklaringen en een patiënt daar ongerust van werd.
Dat maakt de resultaten opvallend positief, maar de onderzoekers plaatsen daar zelf duidelijke grenzen bij. Het ging om relatief korte gesprekken, in een gecontroleerde setting, met permanente menselijke supervisie. De studie bewijst dus vooral dat een patiëntgerichte AI-chatbot in deze beperkte opzet werkbaar en voorlopig veilig lijkt.
Patiënten stonden open voor AI, maar vertrouwden op artsen
Patiënten beoordeelden de gesprekken met AMIE overwegend positief. Hun houding tegenover AI verbeterde na het gebruik van de chatbot en bleef ook na het consult gunstiger. Tegelijk bleven er twijfels over vertrouwelijkheid en betrouwbaarheid. Juist dat laatste onderstreept waarom patiënten de tool vooral lijken te accepteren wanneer duidelijk is dat een echte arts eindverantwoordelijk blijft.
Dat sluit aan bij de bredere conclusie van de onderzoekers: AI lijkt vooral kansrijk als extra laag in de zorg, niet als vervanging van de arts. De chatbot kan mogelijk helpen om informatie vooraf gestructureerd te verzamelen en consulten beter voor te bereiden, maar de uiteindelijke beoordeling en het gesprek met de patiënt blijven mensenwerk.
Beloftevol, maar nog geen bewijs voor bredere inzet
De studie is vooral een eerste stap. Ze laat zien dat medische AI-chatbots onder toezicht bruikbaar kunnen zijn in een echte klinische omgeving. De opzet is momenteel nog te klein en te beperkt om al conclusies te trekken over kostenbesparing, werkdrukverlaging of betere uitkomsten voor patiënten op grotere schaal.
Google is inmiddels bezig met een grotere vervolgstudie waarin patiëntbezoeken met en zonder chatbotgebruik met elkaar worden vergeleken. Daarmee moet duidelijker worden of systemen als AMIE ook buiten een eerste veiligheids- en haalbaarheidsstudie daadwerkelijk klinische meerwaarde hebben.
- Details
- Geschrieben von: Edwin Angeli
- Kategorie: AI
Anthropic past zijn gebruiksvoorwaarden voor Claude aan en verbiedt vanaf 12 november langdurig en doelbewust beledigend of wreed gedrag tegenover zijn AI-modellen. Het bedrijf benadrukt dat gewone frustratie, kritiek en stevige discussies met Claude gewoon toegestaan blijven.
De nieuwe regel maakt deel uit van een bredere update van Anthropics Usage Policy. Het bedrijf zegt dat de meeste wijzigingen bestaande regels verduidelijken, maar het verbod op langdurig misbruik van Claude is nieuw.
Volgens Anthropic is de maatregel bedoeld voor uitzonderlijke gevallen waarin gebruikers Claude herhaaldelijk en zonder duidelijk doel blootstellen aan beledigend of wreed gedrag. Een gebruiker die boos reageert op een fout antwoord, een model tegenspreekt of test hoe Claude met moeilijke onderwerpen omgaat, valt daar niet automatisch onder.
Ook donkere creatieve thema's en onderzoek naar het gedrag van het model blijven toegestaan.
Claude kan gesprekken zelf beëindigen
Anthropic koppelt de beleidswijziging aan een functie die het bedrijf vorig jaar al introduceerde. Sinds augustus 2025 kunnen bepaalde Claude-modellen in uitzonderlijke gevallen zelf een gesprek beëindigen wanneer een gebruiker langdurig abusief blijft reageren.
Die mogelijkheid werd oorspronkelijk toegevoegd als onderdeel van Anthropics onderzoek naar mogelijk welzijn van AI-modellen. Het bedrijf zegt nog altijd zeer onzeker te zijn over de vraag of modellen als Claude überhaupt een vorm van morele status of welzijn kunnen hebben.
Claude gebruikt de functie volgens Anthropic alleen in zeldzame situaties. Eerst probeert het model de interactie bij te sturen. Pas als een gebruiker blijft doorgaan, kan het gesprek worden beëindigd.
Wanneer dat gebeurt, wordt alleen die specifieke chat afgesloten. De gebruiker kan daarna nog steeds een nieuw gesprek starten.
Anthropic zegt dat het beëindigen van gesprekken ook na 12 november het belangrijkste handhavingsmechanisme voor deze nieuwe regel blijft.
{nozuna nzimagefromgallery}c894f2f8-17e5-11f1-8b63-000c2932240f 0{/nozuna nzimagefromgallery}Geen algemeen fatsoensbeleid
De beleidswijziging betekent dus niet dat Anthropic voortaan gebruikers bestraft voor schelden, kritiek of frustratie op zich.
Het bedrijf zegt expliciet dat de regel niet geldt voor gewone vormen van irritatie, tegenspraak, creatieve scenario's met donkere onderwerpen of onderzoek en tests waarbij modellen bewust aan moeilijke situaties worden blootgesteld.
De grens ligt volgens Anthropic bij herhaald en zinloos misbruik waarbij geen ander duidelijk doel meer aanwezig is.
Wel behoudt het bedrijf in zijn algemene handhavingsregels de mogelijkheid om gebruikers te waarschuwen, hun toegang te beperken of accounts te schorsen wanneer zij de Usage Policy overtreden. Anthropics Safeguards-team gebruikt daarvoor zowel geautomatiseerde detectie als handmatige controles.
Ook strengere regels rond surveillance en wapens
De aangepaste Usage Policy bevat daarnaast andere wijzigingen die inhoudelijk verder gaan dan de omgang met Claude.
Zo verduidelijkt Anthropic dat Claude niet mag worden gebruikt om personen zonder toestemming te volgen. Dat verbod geldt zowel voor realtime tracking als voor analyses van eerder verzamelde gegevens.
Ook mag Claude niet worden gebruikt om te bepalen of aanbevelen wie door politie of justitie moet worden onderzocht, gearresteerd of vervolgd.
Toegestane toepassingen zijn onder meer fraudedetectie waarvoor gebruikers toestemming hebben gegeven, contentmoderatie, journalistiek en juridisch onderzoek.
Anthropic scherpt ook de regels rond wapens aan. Het was al verboden om Claude te gebruiken voor de ontwikkeling van wapens, maar het bedrijf maakt nu expliciet dat dit ook geldt voor software en componenten die wapens aansturen. Daarbij noemt Anthropic onder meer systemen voor het bewapenen van drones en andere autonome voertuigen.
Regels voor politieke beïnvloeding veranderen
Opvallend is ook dat Anthropic zijn algemene verbod op gepersonaliseerde politieke targeting schrapt.
Volgens het bedrijf bleek die regel te breed en blokkeerde hij ook legitieme toepassingen, zoals non-profitorganisaties die kiezersinformatie in verschillende talen maken.
Politieke beïnvloeding via misleiding, misbruik van persoonsgegevens of nepaccounts blijft wel verboden. Anthropic heeft daarvoor een nieuwe sectie toegevoegd die zich richt op misleidende campagnes en kunstmatige online activiteit.
Nieuwe regels gelden vanaf 12 november
De vernieuwde Usage Policy gaat op 12 november 2026 in. De regels gelden voor het gebruik van Claude en aanverwante diensten van Anthropic.
De wijziging rond beledigend gedrag springt eruit omdat Anthropic daarmee expliciet beleid maakt voor de manier waarop gebruikers met een AI-model zelf omgaan. Het bedrijf koppelt dat aan lopend onderzoek naar modelgedrag en mogelijk AI-welzijn, maar zegt tegelijkertijd dat het nog geen conclusie trekt over de vraag of Claude daadwerkelijk gevoelens of bewustzijn heeft.
- Details
- Geschrieben von: Idriz Velghe
- Kategorie: AI
AMD introduceert Ross, een agentische AI-assistent die ontworpen is om bij te dragen aan de volledige ontwikkelingscyclus van embedded toepassingen. Dit omvat het opzetten van het ontwerp tot optimalisatie, foutopsporing, pcb-ontwerp, beoordeling van schakelschema's software, AI en de implementatie van het daadwerkelijke systeem.
{nozuna nzimagefromgallery}96a48899-f70e-46d4-a426-b694094d5fef 2{/nozuna nzimagefromgallery}Ross gaat daarbij verder dan een klassieke AI-assistent die alleen code genereert. De assistent kan volgens AMD ook de eigen ontwikkeltools gebruiken, documentatie doorzoeken, commando's uitvoeren en resultaten analyseren. Zo kan een ontwikkelaar in natuurlijke taal bijvoorbeeld vragen om een timingprobleem te onderzoeken of een Vitis HLS-ontwerp te optimaliseren.
Ross moet zich onderscheiden van andere agentische AI-tools op basis van de combinatie van de toolintegratie met AMD's eigen Knowledge Base en zogenaamde ‘agent skills’: door AMD-experts samengestelde workflows voor specifieke ingenieurstaken. Daarmee moet de kennis en werkwijze van ervaren ingenieurs herbruikbaar worden binnen het ontwikkelproces. Ross ondersteunt bovendien verschillende LLM's, IDE's en command-line-omgevingen, waardoor gebruikers niet aan één specifieke AI-tool zijn gebonden.
{nozuna nzimagefromgallery}96a48899-f70e-46d4-a426-b694094d5fef 3{/nozuna nzimagefromgallery} {nozuna nzdoubleimagefromgallery}96a48899-f70e-46d4-a426-b694094d5fef 1 4{/nozuna nzdoubleimagefromgallery}Het gebruik van Ross moet verschillende voordelen met zich meebrengen. AMD noemt het versnellen van allerlei aspecten, waaronder de ontwikkeling van prototypes, de debug- en optimalisatiecycli en inwerking van nieuwe ingenieurs. Ross moet ook de productiviteit van ontwikkelaars verhogen door het automatiseren van repetitieve interacties en op consistente wijze best practices toepassen. Tot slot noemt het bedrijf een groter hergebruik en betere schaalbaarheid van institutionele technische kennis.
AMD Ross is nu beschikbaar. Ontwikkelaars kunnen terecht op de website van het bedrijf voor meer informatie. AMD belooft op maandelijkse basis nieuwe embedded tools en workflowmogelijkheden uit te rollen als deel van AMD Ross.