Advertentie
Zodra Käse de bovenkant van de schijven verwijdert, wordt het verschil nog duidelijker. De consumentenvariant oogt relatief eenvoudig, terwijl het servermodel bijna het binnenwerk van een Zwitsers uurwerk lijkt. “Hoewel ze hetzelfde formaat hebben en allebei door ons worden gemaakt, hebben ze een compleet ander DNA”, zegt hij. “In de serverwereld draait alles om betrouwbaarheid. Kritieke processen mogen simpelweg niet falen.” Hij wijst op de prijskaartjes van de omgevingen waarin deze schijven belanden: van betaalbare laptops tot serversystemen van tienduizenden euro’s.
Dat verschil in gebruiksomgeving heeft directe gevolgen voor het ontwerp. Een externe harde schijf of laptopdrive loopt nu eenmaal veel meer risico om te vallen dan een schijf in een serverrack. Daarom beschikken dit soort modellen over een valsensor die de koppen direct in veiligheid brengt zodra een val wordt gedetecteerd. In serverschijven vind je juist sensoren voor vibraties, omdat ze vaak samen met andere schijven in één systeem draaien. Ook de temperatuurtolerantie verschilt. Laptop- en externe schijven zijn doorgaans geschikt voor gebruik tussen 0 en 70 graden Celsius, terwijl servermodellen meestal zijn ontworpen voor 5 tot 55 graden Celsius. Tot voor kort werden harde schijven zelfs nog toegepast in navigatie- en entertainmentsystemen van auto’s, waar ze nog extremere omstandigheden moesten aankunnen. Die markt is inmiddels grotendeels overgeschakeld op ssd ’s.
Bij de 3,5-inch modellen zie je dezelfde scheidslijn terug. De desktopdrive oogt eenvoudiger dan de versies voor de servermarkt, en dat is niet alleen cosmetisch. Desktopschijven zijn uitsluitend met SATA verkrijgbaar, terwijl servermodellen ook met SAS leverbaar zijn. Käse noemt daarbij een belangrijk cijfer: een gemiddelde tijd tot falen (MTTF) van 800.000 uur voor serverschijven, goed voor een statistisch faalpercentage van ongeveer 1 procent per jaar. Voor een losse schijf lijkt dat misschien weinig relevant, maar in omgevingen met honderden schijven telt elk verschil. Ook de maximale belasting die voor deze voor deze waarde worden opgegeven loopt uiteen: waar desktopschijven zijn ontworpen voor circa acht uur gebruik per dag en zo’n 55 TB lees- en schrijfacties per jaar, zijn servermodellen gebouwd voor ongeveer 550 TB per jaar.
Hoe lang een schijf meegaat, laat zich lastig exact voorspellen. Toshiba geeft tot vijf jaar garantie, maar volgens Käse kunnen schijven in de praktijk veel langer functioneren. Die garantietermijn is volgens hem dan ook vooral financieel ingegeven, niet technisch: garantie is uiteindelijk ook een vorm van risicodekking.
Ook onder de motorkap lopen de verschillen verder op. Op de printplaten van servermodellen zitten meer sensoren, waaronder Hall-sensoren voor horizontale en verticale vibraties en extra schoksensoren. De elektronica gebruikt die informatie om bewegingen te compenseren tijdens het lezen en schrijven. Dat is geen overbodige luxe, want schijven draaien – afhankelijk van het model – tussen 5.400 en 15.000 toeren per minuut.